Studebaker Erskine

De Studebaker Erskine Six werd geproduceerd van 1927 tot 1930 en vernoemd naar de toenmalige president van Studebaker Albert Russel Erskine, was bedoeld als een compacte zescilinder auto die zowel de Europese als de Amerikaanse markt zou moeten aanspreken. De slimme vormgeving was indrukwekkend en ondanks dat er liefhebbers waren, zou het model geen succesnummer worden. Mechanische gebreken, een prijs die aanzienlijk hoger was dan die van de concurrenten en frequente veranderingen in het design en de marketing waren hier de oorzaken van.

 

Studebaker Erskine uit 1927

Studebaker Erskine uit 1927

 

De Erskine had het Amerikaanse vermogen en kwaliteit gecombineerd met de Europese styling en precisie-afwerking. De onderdelen voor dit model kwamen bij allerlei partijen vandaan. Het was een compacte auto met korte wielbasis die gemakkelijk te besturen was in de smallere Europese straten. Een aantal carrosseriebouwers, onder wie Budd, Dietrich, Murray, Weymann en Gotfredson, hebben de Erskine-carrosserieën geproduceerd, terwijl Timken veel van de chassis-componenten heeft geleverd.

 

Delco-Remy was verantwoordelijk voor de ontstekingsunit, generator en starter, Schebler bouwde de carburateur en Firestone leverde de banden. Medio 1927 was er ook een Boyce-motometer in gebruik. Omdat ze de auto betaalbaar wilden houden, gebruikten ingenieurs zescilinder-in-lijn motoren van 2,3 liter met zijkleppen in plaats van de meer geavanceerde en kostbare Studebaker-motoren. De 40 PK motor was goed voor een kleine 100 km/u en relatief zuinig. Dat was belangrijk voor Europese automobilisten die meer dan 50% meer betaalden voor hun benzine dan Amerikanen.

 

Studebaker Erskine

 

Een ander voordeel van de motor was dat het 146 kubieke inch was, met een belastbaar vermogen van 16,54 pk. Omdat de Europese belastingen hoog waren, gebaseerd op de boring van de motor, wilden klanten kleinere auto’s met een hoog toerental en kleinere motoren kopen. De Continental was een hoogtoerige motor met veel pit, maar een motor met een hoog toerental en een achteras met een lage overbrengingsverhouding is een zekere garantie voor aanzienlijke motorslijtage. Dat leidde tot aanhoudende mechanische problemen met de auto.

 

De auto werd op de markt gebracht als “The Little Aristocrat” en was bedoeld om de aanwezigheid van Studebaker op de Amerikaanse markt in het middensegment veilig te stellen en zijn aanwezigheid op de Europese markt uit te breiden. Het model kreeg bij de introductie lovende recensies en duizenden orders stroomden binnen, maar helaas was de Europese hausse voor Sixes afgevlakt voordat de Erskine arriveerde. Hoewel de aanvankelijke Europese interesse veelbelovend leek, vertaalde dat zich niet in verkopen op lange termijn. En de opvallende auto, ontworpen door Raymond H. Dietrich, sprak nooit echt tot de Amerikaanse verbeelding.

 

In totaal werden er ruim 95.000 exemplaren gebouwd van de Studebaker Erskine.




Garages en specialisten

Clubs, fora en verenigingen


Ook interessant