De geschiedenis van het nummerbord

Zaterdag 4 oktober 2014 om 09:59 door Frank

In Nederland bestaat het nummerbord al ruim honderd jaar. In 1898 waren we het derde land in de wereld dat een nationaal nummerbord invoerde, omdat bromsnor op zijn fiets de auto’s niet meer kon bijhouden. Frankrijk en Duitsland waren nog net wat eerder met een kenteken. In 1906 werd er een nummerbord per provincie ingevoerd waarbij de bestuurder ook een rijbewijs en nummerbewijs in zijn bezit diende te hebben. Tot 1951 bestond elk nummerbord uit een letter van de provincie en maximaal 5 cijfers. Zuid-Holland had bijvoorbeeld de letters H, HZ of HX en Limburg de letter P.

 

provinciaals kenteken

Foto: J.M. Siksma

Auto met Fries provinciaals kenteken uit 1950

 

Toen het motorverkeer steeds vaker serieuze afstanden ging rijden en de grenzen van de provincie overschreed, ontstond de behoefte aan een landelijke, centraal toegankelijke kentekenadministratie, hetgeen leidde tot de oprichting van de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW). In 1951 werd er overgaan naar een landelijk systeem en werden kentekens niet langer per provincie afgegeven maar in volgorde van afgifte. Zo kon je aan het nummerbord zien hoe oud een auto was. Het eerste nummerbord van deze serie was ND-00-01. Maar waarom dan beginnen met een ‘N’ en niet met een ‘A’?

 

Speciale kentekens

In 1951 waren verschillende letterseries al gereserveerd voor auto’s van bijzondere doelgroepen. Zo was AA bestemd voor voertuigen van het Koninklijk Huis, de letter C (in combinatie met D) was voor het Corps Diplomatique, FH werd gebruikt voor auto’s die tot een handels- of fabrieksvoorraad behoorden. De G kwam ook niet in aanmerking want GN was gereserveerd voor auto’s van niet-ingezetenen. Terzijde: Prins Claus was er tijdens zijn inburgering in Nederland verbaasd over dat hij een GN-kentekenplaat (Geen Nederlander) voor zijn auto kreeg. De letter I deed teveel denken aan het cijfer 1, net als de O op het cijfer nul lijkt. K, L en M waren gereserveerd voor militaire voertuigen. De letters N was nog helemaal ‘schoon’ en bovendien duidelijk op afstand leesbaar. Een mooie letter dus, om mee te starten. In 1965 waren de nummerborden met deze combinatie op en werd overgaan op de combinatie 00-01-AD en werd op een Ford Taunus in Groningen gezet. In 1973 was de volgende combinatie aan de beurt. De eerste auto met een kenteken uit deze serie, kreeg het nummer 00-AD-01.

 

eerste landelijke kenteken

Het eerste landelijke kenteken werd op een Ford Taunus geschroefd

 

De RDW had zijn handen vol aan de groei van het Nederlandse wagenpark. Tegen 1990 stonden er al zo’n 13 miljoen voertuigen geregistreerd bij de rijksdienst wegverkeer. Het register had tot dan toe eigenlijk alleen de functie om mensen via kentekens op te sporen. Er stonden 13 miljoen voertuigen in, maar er reden er maar zo’n zes miljoen rond op de openbare weg. Zolang de auto’s die daadwerkelijk op de weg waren zich dus onder die 13 miljoen bestand zaten, was het allemaal prima.

 

De Wet Mulder

Nou ja, bijna dan want er waren natuurlijk altijd goochemerds die probeerden om de boel te flessen: bij een overtreding beweerden ze gewoon dat zij op het moment van overtreding niet zelf achter het stuur zaten. Juridisch gezien rees dan de schuldvraag en was het lastig om de eigenaar te vervolgen. In juli 1989 werd de Wet Mulder in het leven geroepen om aan dit getouwtrek een einde te maken. Vanaf dat moment gekeurde de politie op kenteken en was het voortaan aan de houder om te bewijzen wie de overtreding gepleegd had, als hij vond dat hij het zelf niet was.

 

Het deze nieuwe wet verschoof de functie van de database met alle kentekens naar een houderschapregister waar het daarvoor vooral werd gebruikt voor opsporing. Op 1 januari 1995 trad de nieuwe Wegenverkeerswet in nadat de RDW het hele systeem flink had gemoderniseerd en opgeschoond. Door computerbestanden te vergelijken, kon de RDW sindsdien efficiënt allerlei voertuigverplichtingen handhaven. De kentekeneigenaar die bijvoorbeeld niet voorkwam in het verkeersregister kreeg een boete. De RDW stelde het centrale register ook ter beschikking aan politie en justitie en ook aan de sociale dienst. Hiermee kon ook gekeken worden of het inkomen van een persoon een bepaald type auto rechtvaardigde.

 

Uiteraard was ook dit systeem nog altijd niet waterdicht. Kentekenplaten kon je op elke straathoek kopen en rondrijden met valse platen kwam dan ook regelmatig voor. Ook waren er automobilisten die hun auto op naam van iemand anders lieten zetten. Met de invoering van de GAIK (Gecontroleerde Afgifte en Inname van Kentekenplaten) de in 1996 werd ook dit weer een stuk lastiger.

 

Blauw nummerbord

In 1978 verdwenen de blauwe nummerborden en werde de platen in Nederland voortaan reflecterend geel. Ook was het tijd voor een nieuwe combinatie. Nu met letters in de meerderheid in plaats van cijfers, aangezien deze combinaties waren uitgeput. DB-01-BB was de eerste van deze serie.

 

In 1991 verscheen wederom een nieuwe combinatie: DB-BB-01. In 1999 verscheen het kenteken 01-DB-BB. In 2000 werd het GAIK-systeem (Gecontroleerde Afgifte en Inname van Kentekenplaten) ingevoerd. Alle kentekenplaten werden vervangen door de nieuwe geregistreerde en gecodeerde GAIK-kentekenplaten. Aan de zijkant kregen deze platen een blauw balkje met daarin “NL”. In 2008 zijn ook de combinaties van twee letters, twee letters en 2 cijfers uitgeput.

 

Een man uit Ermelo kreeg het eerste nieuwe kenteken 01-GBB-1. De combinatie van twee cijfers, drie letters en één cijfer, kwam als de best te lezen en te onthouden combinatie naar voren uit een onderzoek van TNO. Eigenlijk waren deze kentekens, twee cijfers, drie letters en één cijfer, al sinds 2005 in gebruik bij brommers en snorfietsen. Ook reden busjes sinds 2006 al met het nieuwe kenteken, aangezien de nummerborden van de oude combinatie bij dit type vervoersmiddel eerder op waren dan bij de personenauto’s. In deze nieuwe combinatie worden geen klinkers gebruikt, ook de letter Y zal niet voorkomen. Gebruik van klinkers zorgt voor de kans op woorden, die onaanvaardbaar of als kwetsend kunnen worden ervaren. Ook de letters C en Q zulen niet worden gebruikt, omdat deze te veel op een nul lijken. Daarnaast worden de volgende lettercombinaties niet gebruikt: GVD, TBS, SS, NSB en SD. De W staat als eerste letter op het nummerbord als het een caravan, aanhangwagen of oplegger betreft. AA blijft het kenteken van het Koninklijk Huis, CD is voor diplomaten, D voor brommers en snorfietsen en de M is gereserveerd voor motoren. De RDW verwacht met de nieuwe combinatie zes jaar vooruit te kunnen. Daarna volgen de combinaties: 1-ABC-23, AB-123-C EN A-123-BC. Voorlopig kunnen we dus nog wel vooruit.

 

Nummerbord op oldtimer

Historische voertuigen met een datum van toelating voor 1 januari 1978 mogen de (donker)blauwe kentekenplaat met witte letters voeren. Voordat de blauwe kentekenplaat wordt afgegeven, wordt gecontroleerd of op het voertuigbewijs een datum van toelating van voor 1 januari 1978 vermeld staat en het kenteken bestaat uit een combinatie van 4 cijfers en 2 letters. Als aan alle eisen is voldaan mag een ongelimiteerd aantal platen gekocht worden. Blauwe kentekenplaten zijn voorzien van een keurmerk bestaande uit de Nederlandse leeuw en de tekst ‘RKM’. Het keurmerk, en met name het volgnummer, moet duidelijk herkenbaar blijven, want aan de hand van dit volgnummer kan de maker van de kentekenplaat achterhaald worden.

 

In 1978 is de Rijksdienst Voor het Wegverkeer (RDW) overgegaan op een nieuw combinatiesysteem met 2 cijfers en 4 letters. Auto’s met een datum eerste toelating na 31 december 1977 moeten de gele (GAIK) platen met het Eurovignet voeren. GAIK staat voor: Gecontroleerde Afgifte en Inname van Kentekenplaten. Elke GAIK-kentekenplaat is voorzien van unieke codes en echtheidskenmerken, waardoor controle achteraf mogelijk is. Zowel de afgifte van de kentekenplaten als de inname zijn tegenwoordig strikt geregeld.

 

 

Op www.hetnederlandschekentekenarchief.nl vind je nog veel meer informatie over de geschiedenis van het Nederlands kenteken.


Ook interessant

5 reacties op “De geschiedenis van het nummerbord”

  1. blank Ger says:

    onze eerste kever had toch echt als kenteken MS-31-07 of MS-07-31 … en het was toch echt geen militair voertuig … misschien dat die platen nog ergens in de garage rondzwerven

  2. blank john says:

    kunt u mij vertellen wanneer er in Nederland licht blauwen kentekens waren en zins wanneer dit donker blauw is geworden

  3. blank mirer r says:

    goedenavond ..
    ik ben in het bezit van een CZ motorfiets uit 1962 maar ik kan bij de RDW niets vinden .het is toch een nederlands kenteken met de leeuw erin met de letters RKW..kunt u mij helpen mss hoe of wat
    het kenteken is :SL-72-11
    dank u wel voor de moeite

    1. Beste Mirer,

      Motorfietsen is bepaald niet onze expertise, maar aan het merk te zien is dit een ingevoerde motorfiets. De database van de RDW die je online kunt raadplegen is wellicht niet helemaal up-to-date? Wellicht een belletje doen met de RDW en even navragen? Als hij echt op kenteken staat, dan moeten zij iets kunnen vinden.

  4. blank joop says:

    ben op zoek naar ya kentekens met foto”s
    wie helpt mij??

Reageren

Je e-mailadres wordt niet getoond
* Verplicht veld

*