Volvo 300

De Volvo 300-serie werd geproduceerd tussen 1976 en 1991. De 300 serie heeft een Nederlands tintje want het ontwerp komt oorspronkelijk van de Nederlandse autofabrikant DAF als de DAF 77. In 1975 werd de personenautodivisie van DAF overgenomen door Volvo. Het ontwerp van de 300 serie werd aangepast naar Volvo normen en in 1976 kwam de Volvo 343 op de markt. De 343 werd gebouwd in het Limburgse Born, door de Volvo Car-, later NedCar-fabriek.

 

volvo 343

 

Volvo 340/360

In augustus 1982 kreeg de 343/345 een nieuw interieur. Met deze verandering werd ook de auto omgedoopt in 340 en 360. De 360 was de 2.0 liter-variant van de 340. Van de 360 verscheen bij introductie direct een speciaal model op de markt. Dit model had de benaming 360 GLT. Het was een zeer luxe auto.

 

In 1983 werd een sedan gepresenteerd op basis van de 340/360. De meest luxe uitvoering van de sedan was de 360 GLE. Verder verdween het kleine voorraampje van de 340/360 en werd er een sterkere 1.4 litermotor leverbaar op de 340. In 1984 werden de actiemodellen 340 DL Special en 340 GL Special leverbaar. Verder kon de 340 sinds 1984 ook uitgerust worden met een 1.6 liter dieselmotor, afkomstig van Renault. In 1985 verscheen er voorts nog een 360 GLS Special.

 

Eind 1985 (modeljaar 1986) onderging de 340/360-serie een facelift. Zo kreeg de auto nieuwe bumpers, nieuwe lichtmetalen/stalen velgen en nieuwe achterlichtunits. In het benzine-gamma werd de grote kloof tussen de tamme 1.4 liter motor en de robuuste 2.0 liter motor opgevuld door de 1.7 liter (82 pk) van Renault, standaard gekoppeld aan een handgeschakelde 5-bak. Ook werd de 340/360 leverbaar in nieuwe kleuren. In 1986 verscheen een nieuw actiemodel van de 340, de 340 Winner Special, met standaard accessoires als een aansteker, kwartsklokje en striping rondom. In 1987 werd de 360 GLE (sedan) vervangen door de luxe 360 GLT die daarmee vanaf dat moment zowel leverbaar was als 4-deurs sedan als 5-deurs hatchback. Verder verschenen drie nieuwe actiemodellen, te weten de 340 Blackline, 340 Blueline en de 340 Redline.

 

In 1988 rolde de miljoenste Volvo 300 van de band. Het miljoenste exemplaar werd feestelijk versierd en staat thans in het DAF museum in Eindhoven. In het kader van de miljoenste Volvo 300 werd er een speciaal actiemodel op de markt gebracht. Dit actiemodel droeg in Nederland de naam 340 GLE Millionaire, en in andere landen veelal 360 Millionaire. Het waren zeer luxe en exclusieve modellen die voorzien waren van een badge met exclusief nummer op het dashboard. Voor de Engelse markt kwam de 340 GLE uit. Het was een 1.7-uitvoering die net zo luxe was als de 2.0 liter 360 GLE. Laatstgenoemde motorisering is in Nederland alleen leverbaar geweest als DL, GL, met als uitzondering natuurlijk de GLE Millionaire.

 

Door de introductie van de Volvo 440 en later 460 verloren de duurdere 300-modellen hun bestaansrecht. Het jaar 1989 was dan ook het laatste jaar voor de 360. Ook de 340/360-sedan verdween van het toneel. De 340-modellen werden teruggebracht tot de 340 Special, 340 GL en 340 GL Special.

 

In 1991 viel uiteindelijk het doek voor de 340. De laatst geproduceerde 340 was een witte vijfdeurs. In 1992 werden de laatste 340’s op kenteken gezet. Het betrof voornamelijk CVT-uitvoeringen. Aan het einde van de productie waren er 1,14 miljoen van geproduceerd. De meeste exemplaren werden verkocht in Nederland, België, het Verenigd Koninkrijk en de Scandinavische landen.

 

Bijzondere uitvoeringen van de Volvo 300-serie

In de jaren tachtig hadden veel Nederlandse politiekorpsen Volvo’s uit de 300-serie in dienst. Verreweg de meeste auto’s waren 340 hatchbacks. Bijzonder was dat er ook 340 DL’s geleverd werden aan de politie met een 2 litermotor. De 2 litermotor werd doorgaans alleen gebruikt in de 360.

 

Aanvankelijk was de 343 alleen verkrijgbaar met een 1.4 liter Renault-motor en Variomatic, die Volvo omdoopte tot CVT. Deze achterin de auto geplaatste automatische transmissie werd gecombineerd met een De Dion-as in een trans-axle-constructie. In de jaren zeventig zou het model niet echt succesvol zijn, mede doordat de rubber aandrijfriemen snel sleten bij deze relatief zware auto. Ook het verbruik werd nogal negatief ervaren; dat schommelde tussen 1:11 op de grote weg tot soms wel 1:7 in de stad. Op veler verzoek kwam in 1979 een handgeschakelde versnellingsbak beschikbaar. Het motorengamma werd gefaseerd uitgebreid: in 1980 de 2.0 liter benzine (Volvo), in 1984 een 1.6 liter diesel (Renault) en in de zomer van 1985 een 1.7 liter benzine (Renault). Mede door het brede motorgamma werd de 300-serie in de jaren tachtig alsnog een verkoopsucces dat voortgezet werd na de geslaagde facelift in 1986. Internationaal bleven de verkoopcijfers echter achter ten opzichte van de concurrentie, zoals de Opel Kadett-E, Volkswagen Golf II en Renault 9/11.

 

Sportief gebruik van de Volvo 300-serie

Lange tijd werd de Volvo 300-serie (vooral in de CVT-uitvoering) gezien als vervoermiddel voor de wat oudere mensen. Dat de Volvo 300-serie ook een zeer sportieve auto was, bleek wel uit het feit dat veel 360’s hun laatste dagen slijten op het circuit, mede door hun ‘sportieve’ achterwielaandrijving en starre achter-as. Inmiddels heeft de Volvo 300-serie zijn eigen cup, de zogenaamde Volvo 360 Cup. Vanaf 1988 werd de 300-serie opgevolgd door de eveneens in Nederland ontworpen 400-serie. In 1991 viel uiteindelijk het doek voor de 300-serie. De laatste exemplaren verlieten in 1992 de showrooms van de Volvo-dealers.



Volvo 300 variaties


Garages en specialisten

Clubs, fora en verenigingen


Ook interessant