Simca 1307

In 1975 kwam Chrysler met de Simca 1307 wat de nieuwe grote familie auto in Europa was voor het Amerikaanse merk. Het was een moderne, voorwielaangedreven hatchback, wat uitzonderlijk was in die klasse. De enige eerdere voorbeelden van dergelijke modellen in Europa zijn de Austin Maxi, Renault 16, Volkswagen Passat. De ontwikkeling van het model duurde 3 jaar en resulteerde in een verkiezing tot auto van het jaar in 1976.

 

Het model werd verkocht onder verschillende namen, waaronder de Simca 1308 en 1309 modellen die grotere motoren kregen, de Chrysler Alpine voor de Ierse, Britse en Nieuw-Zeeland markt, de Chrysler 150 voor de Spaanse markt en later de Talbot 1510 / Talbot Alpine / Talbot 150 wat een gefacelifte versie was van PSA nadat dit bedrijf Chrysler Europe had overgenomen. Later volgde ook nog een sedan versie, genaamd de Talbot Solara.

 

simca 1307 uit 1975

 

Simca 1307 interieur 1975

 

Oorspronkelijk werd de 1307 aangedreven door een 1294 en 1442 cc versie van de “Poissy motor” met elektronische ontsteking en een vierversnellingsbak. Vanaf de lancering was het model leverbaar in drie uitrustingsniveaus: GL, S en GLS. Uitrustingsniveaus waren van hoog niveau waar de GLS de meest luxe was met onder andere centrale deurvergrendeling en elektrische ramen, accessoires die tot dan toe over het algemeen alleen maar werden geleverd op modellen van duurdere merken. De meer upmarket modellen waren de 1308 (1508 in sommige markten) en de 1309.

 

design van de Simca 1307

Het model werd ontworpen door Roy Axe en was, samen met de onlangs geïntroduceerde Volkswagen Passat, een van de full-size Europese familie hatchback modellen met trekjes van de Renault 16 uit 1965. In de jaren zeventig waren de meest populaire Europese middenklassers nog altijd de traditionele sedans als de Ford Taunus, de Opel Ascona en de Morris Marina. Het model werd oorspronkelijk gebouwd in Poissy in Frankrijk, in Ryton in het Verenigd Koninkrijk, vanaf 1977 in Villaverde in Barreiros, een dochteronderneming van Chrysler Europe in Spanje. Tussen 1979 en 1985 werd de auto ook gebouwd door Valmet Automotive in de Uusikaupunki fabriek in Finland en geassembleerd in Colombia als Dodge Alpine tussen 1978 en 1982 door de Chrysler Colmotores in Bogotá. In Nieuw-Zeeland werd het model geassembleerd door Todd Motors (later Mitsubishi Motors NZ) tussen 1977 en 1983.

 

Talbot 1510

In 1980 kreeg het model, dat inmiddels werd verkocht als een Talbot, een stevige facelift. Het nieuwe model werd bekend als de Talbot 1510 met onder andere nieuwe voor- en achterlichten de optionele extra’s waren onder andere lichtmetalen velgen, cruise control koplampwash, stuurbekrachtiging en een boordcomputer. Het model was leverbaar met automaat en met een handmatige vijf-versnellingsbak. Een vierdeurs sedan versie, genaamd de Talbot Solara, werd uitgebracht in hetzelfde jaar en kreeg een 1,3 liter of 1,6 liter motor.

 

talbot 1510

Talbot 1510.

 

Simca Talbot 1307, 1308, 1510 en Solara op een rijtje.

 

De Franse productie van de Talbot 1510, Alpine, Solara en de kleinere Horizon, eindigde in 1985. In Groot-Brittanië werden de laatste auto’s gerebadged als de Rapier en Minx afhankelijk van uitrustingsniveau. De namen waren afkomstig van de voorouder van Chrysler Europe, de Rootes Group, waar de namen werden gebruikt voor de Sunbeam Rapier en de Hillman Minx. Levering van deze modellen was beperkt en in mei 1986 stopte de productie, kort daarna werd het Talbot-merk ook niet langer gebruikt. Peugeot was inmiddels bezig met de ontwikkeling van de Peugeot 405, een nieuwe grote familie sedan die moest concurreren met de nieuwste modellen van Ford, General Motors en Austin Rover.




Garages en specialisten

Clubs, fora en verenigingen


Ook interessant