Opel Kadett A t/m E

De Opel Kadett kwam in 1962 op de markt als een compacte gezinsauto en werd gebouwd tot 1993. De auto was gebouwd om de concurrentie met de succesvolle Volkswagen Kever aan te gaan. In 1993 viel het doek pas voor de -inmiddels – Kadett E en hield ook de merknaam Kadett op te bestaan. De opvolger kreeg de naam waaronder de Vauxhall-versie al jaren verkocht was: de Astra. De Kadett E werd in aangepaste vorm nog enige jaren doorgeproduceerd door GM-dochter Daewoo als de Daewoo Nexia.

 

Opel Kadett A

Waar de Kever op een aantal vlakken al wat verouderd was, kwam Opel met zwaar wapengekletter de markt op: een stille, watergekoelde motor voorin, laag verbruik, een goed werkende verwarming, ruime kofferruimte, meer comfort, veel glas en moderne kleuren en lijnen. Met zijn korte eerste en tweede versnelling was de Kadett in het stadsverkeer ook sportiever dan de Kever. Als auto bedoeld voor de gewone man was de Kadett zuinig, onderhoudsvriendelijk en robuust. Een ijzersterke combinatie.

 

Opel Kadett A

Opel Kadett A.

 

In 1963 werd ook een stationcar en bestelwagen leverbaar en ook nog een coupé. De Kadett kwam in standaard en in luxe uitvoering waarvan de laatste te herkennen was aan een fraaiere grille, een tweekleurig interieur, tapijt, een klokje en een optie voor tweekleurenlak. De Opel Kadett A is nooit gebouwd in een vierdeurs carrosserie.

 

Opel Kadett B

Opel Kadett B.

 

Opel Kadett B

In 1965 kwam de Opel Kadett B op de markt. Opel voelde dat ze een succesnummer in handen hadden en ontwikkelden dus in hoog tempo door op de Kadett. Het B-type bleef tot 1973 in productie en behaalde een totaalproductie van maar liefst 2,6 miljoen exemplaren.

 

Bij de Opel Kadett B was de standaard motor vergroot van 1000cc naar 1100 cc en leverde zo’n 50 PK. Naast de tweedeurs en vierdeurs sedan kwamen er ook een twee- en vierdeurs coupé in de vorm van de Kadett LS en een drie- of vijfdeurs stationwagen onder de naam “caravan” op de markt. Met dit arsenaal aan modellen ging Opel vol in de aanval op de grootste concurrent in eigen land: Ford.

 

In 1968 voerde Opel enkele belangrijke wijzigingen door en er volgden nog enkele andere uitvoeringen. Zo waren de successen in de rally van Monte Carlo de aanleiding voor een rally-uitvoering met 60 PK of 90 PK. Voor de Opel-fan die het zich kon veroorloven kwam er een luxere Olympia-uitvoering in het assortiment vanaf 1967 en er volgde zelfs een F-coupé.

 

opel kadett 1979 interieur

 

Met de wijzigingen in 1971 werd het gehele interieur matzwart , de koolmonoxide-uitstoot werd verminderd, de gelijkstroomdynamo werd vervangen door een wisselstroomdynamo, het oliebadluchtfilter werd vervangen door een papieren filterelement en er kwam een uitvoering met 1200S-motor die 55 PK leverde in de vorm van de Kadett 1.2. De Opel GT werd gebouwd op basis van de Opel Kadett B.

 

Opel Kadett C

Opel Kadett C.

 

Opel Kadett C

De Opel Ascona A zou de opvolger worden van de Kadett B maar aangezien concurrent Ford de Escort lanceerde, besloot Opel ervoor om de ruimere Ascona als concurrent van de Ford Taunus tussen de Kadett en de Rekord te plaatsen en de nog altijd gewilde Kadett B in het gamma te houden. Daarnaast wilde General Motors een basisauto lanteren die wereldwijd kon worden geproduceerd. Dit zou in 1973 resulteren in de Kadett C, die ook onder de namen Vauxhall Chevette, Isuzu Gemini en Chevrolet Chevette werd geproduceerd In augustus 1973 wordt op de 45e IAA in Frankfurt de nieuwe Kadett C tentoongesteld.

 

Ook in de Kadett C waren sterkere motoren leverbaar: de 1600 en 1900 CIH-krachtbronnen van de Ascona/Rekord-serie. Voor de gt/e werd een 1,9E (vanaf 1977 2.0E) injectiemotor ingebouwd, die de lichte Kadett C een topsnelheid van rond de 200 km/u gaf. De coupé gt/e versie behaalde zijn succes als rally-auto. Ook wordt de Kadett C wel de laatste echte Opel Kadett genoemd, omdat het de laatste versie was met achterwielaandrijving. De Opel Kadett C werd geleverd in twee verschillende versies, namelijk de C1- en C2-uitvoering. De laatste werd gebouwd vanaf 1977. In mei 1975 werd ook nog de Opel Kadett City op de markt gebracht wat een compact en wendbaar stadsautootje was.

 

Opel Kadett D

Opel Kadett D.

 

Opel Kadett D

De Kadett D brak op een aantal vlakken met zijn voorgangers. Als eerste Opel werd in de Kadett D voorwielaandrijving toegepast. Het uiterlijk werd volledig opnieuw ontworpen en kreeg een zeer hoekige en daarmee opvallende carrosserie. Voor de sedanversie tot modeljaar 1983 waren de koplampen in de basisuitvoering rond, alle overige hadden rechthoekige lampen die aansloten op de knipperlichten. De D-Kadett werd in Groot-Brittannië verkocht als Vauxhall Astra een naam die later ook op het vaste land zou terugkomen.

 

De carroserievarianten waren: de hatchback en de caravan (stationcar), beide zowel in drie- als vijfdeurs variant. Aangezien de Kadett C ook een sedan variant kende, kwam deze er ook voor de Kadett D, alleen was deze nauwelijks te onderscheiden van de hatchback. Alleen de scharnieren zaten lager, waardoor de achterruit vast zat, net als de hoedenplank. Net als bij de eerdere Kadetts gaf het typenummer de motorinhoud en de compressie aan, behalve bij de GTE, deze had een 115 PK sterke 1,8 liter injectiemotor. De Kadett D was de eerste Kadett die met dieselmotor leverbaar werd in de vorm van een 1,6D met 54 PK vanaf 1981.

 

Het topmodel was de Kadett GTE welke in zwart, rood en wit leverbaar was. Bij de laatste werden de bumpers en wieldoppen ook mee gespoten. Deze GTE was verder herkenbaar aan de zwarte rand rond de ruiten, en de spoilerkit die in kleur gespoten was. De SR-uitvoering met de 1.6-motor was van dezelfde kit voorzien, maar dan van zwart kunststof.

 

Opel Kadett E

Opel Kadett E.

 

De laatste versie: de Kadett E

De Kadett-E was veel ronder vormgegeven dan zijn voorganger, vooral uit oogpunt van aerodynamica. De Kadett E was wederom leverbaar als drie- en vijfdeurs hatchback, als twee- en vijfdeurs stationwagon en als 4-deurs sedan. Nieuw was de Kadett Combo, een bestelwagen. De GSi kreeg in 1986 in plaats van een 1.8, een nieuwe 2-litermotor van 115 PK en later ook een 16-klepper met 156 PK.

 

Eind 1988 kreeg de Kadett-E nog een facelift, waarbij vooral de voorbumper en het interieur gewijzigd werden, met onder meer nieuwe stoelen, iets gewijzigd dashboard en luxere materialen. Tijdens de laatste twee jaren verschenen er naast de GL en de GLS diverse actiemodellen, zoals de Life, Expression, Beauty, Frisco, Dream, en Champion. De Champion was van oorsprong een GSi, maar met meer luxe als recaro-stoelen en lederen bekleding.

 

Carroseriebouwer Bertone bouwde een cabrioversie van de Kadett-E van 1987 tot 1993. Deze was leverbaar met een 1,6i motor met 75PK en een 2,0i motor met 115 PK. In het begin had de 1.6 de bumpers van de normale Kadett, en de 2.0 die van de GSi, later kreeg ook de 1.6 de GSI-bumpers, en gingen ze als Edition door het leven. De Kadett E werd in 1985 verkozen tot auto van het jaar.



Opel Kadett variaties


Garages en specialisten

Clubs, fora en verenigingen


Ook interessant