Minerva

De oprichter van het merk Minerva was Sylvain de Jong (1868-1928) die werd geboren in Amsterdam en verhuisde naar Antwerpen waar hij in 1895 samen met zijn twee broers Henri en Jacques en met drie Antwerpse handelaars fietsen begon te maken onder de naam “Mercury Cycle Co”. In 1897 begon Sylvain zijn eigen bedrijf (S. de Jong & Co) met de merknaam werd Minerva. Deze naam kwam van de Romeinse godin van wijsheid en kunsten, Minerva. Het bedrijf produceerde in de beginperiode alleen fietsen en deed dit niet onsuccesvol.

 

Na drie jaar fietsen geproduceerd te hebben, begon Minerva ook motorfietsen te bouwen. De eerste versies waren eigenlijk gewoon Minerva-fietsen met een ¾ pk 172 cc Zürcher & Lühti-clip-on motor die op de voorste framebuis was gemonteerd. Later kocht Minerva de licentie van Zürcher & Lühti en ging deze eencilinders zelf bouwen. De cilinderinhoud ging naar 211 cc waardoor het vermogen verdubbelde naar 1½ pk. Nauwelijks een jaar later, begon de verkoop behoorlijk aan te trekken en werden de eerste Minerva-motorfietsen ook succesvol in races.

 

Van motoren naar auto’s

Vanaf 1904 begon Minerva ook auto’s te bouwen. Toen het bedrijf in 1908 de rechten op een nieuwe stille motor kocht, de Knight-schuivenmotor, begon het bedrijf pas echt succes te boeken. Minerva werd bekend om zijn luxueuze, goed afgewerkte, snelle, op maat gemaakte auto’s en de kwaliteit en luxe werd vergeleken met het merk Rolls-Royce. Het merk groeide in aanzien onder de gefortuneerden en zelfs leden van de koningshuizen van België, Roemenië, Thailand en India, mensen van adel, filmsterren en grote bedrijfsleiders zoals Henry Ford en kunstenares Anna Boch reden rond in een Belgische Minerva. De productie van auto’s ging echter ten koste van motorfietsen, waarvan de productie in 1908 werd gestopt.

 

klassieke Minerva auto

 

De gouden jaren voor Minerva

In 1911 was Minerva de grootste fabriek van België met ruim 1600 personeelsleden. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd België door Duitsland bezet en werd de Minerva-fabriek leeggeroofd door de Duitsers. Het bedrijf wist na de oorlog echter succesvol door te starten. In 1920, keerden ze terug vanuit Amsterdam naar België om met de productie van de 20CV 3.6-litre 4 cilinder (type NN) en 30CV 5.3-litre 6 cilinder modellen te starten. De jaren 1920 waren de gouden jaren voor Minerva. Op 26 augustus 1921 gaf de gemeente Mortsel toestemming voor de oprichting van een fabriek in het dorpsdeel Luithagen. In 1922 kregen de auto’s voor het eerst een mascotte met het hoofd van de Romeinse godin Minerva op de radiator, ontworpen door Pierre de Soete.

 

Minerva GG Landaulet uit 1913

 

Minerva Tout Terrain (TT) legervoertuig

 

Ondergang

Het bedrijf had de wind flink in de zeilen en in 1927 wilde oprichter Sylvain de Jong nog verder uitbreiden. Daarvoor had hij nieuw kapitaal nodig van investeerders waardoor zijn eigen belang in de onderneming verwaterde. In 1928 stierf Sylvain de Jong aan kanker en op 24 oktober 1929 crashte de beurs van New York waardoor de vraag naar luxe auto’s wereldwijd instortte. In 1934 ging Minerva ten onder aan de economische recessie. Het bedrijf fuseerde met een ander Belgisch automerk, Imperia, en wist op die manier te overleven.

 

Tweede Wereldoorlog

Tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikte de Duitsers de fabrieken van Minerva in Mortsel voor de opslag en fabricage van vliegtuigonderdelen. Bij een mislukte geallieerde aanval op de Erla-fabriek op 5 april 1943 vielen in Mortsel meer dan 900 burgerslachtoffers. (de bommen vielen meer dan een kilometer van hun doel). Na de Tweede Wereldoorlog werd het bedrijf Nieuwe Maatschappij Minerva N.V. opgericht door Mathieu van Roggen (die ook al Imperia bezat), dat in licentie licht aangepaste terreinwagens van Land Rover bouwde in opdracht van het Belgisch leger, en daarnaast nog tientallen civiele Land Rover-licenties vooral bedoeld voor de exportmarkt.

 

In de jaren vijftig bouwde de fabriek ook nog een tijdje MV Agusta-scooters in licentie. Het bedrijf probeerde ook nog met scootauto’s in de markt te blijven, maar kon uiteindelijk toch niet overeind blijven. Minerva’s zijn tegenwoordig veel gezochte klassieke auto’s. Ze zijn veel geld waard, vooral de eerdere types zonder de schuivenmotor. Er zijn nog een 150-tal vooroorlogse Minerva’s in België, maar die staan vooral in garages rustig meer waard te worden.




Garages en specialisten

Clubs, fora en verenigingen


Ook interessant