Mazda 121
De type aanduiding van de Mazda 121 werd door de jaren heen voor meerdere modellen gebruikt. Het begon met de tweede generatie van de Cosmo tussen 1975 en 1981 die ook 121 werd genoemd. Dit was de cilinder versie en niet de versie met rotatiemotor.
In 1988 was er de 121 DA, een kleine driedeurs hatchback die onder de grotere 323 werd gepositioneerd. het model werd niet verkocht op de Japanse thuismarkt. Het autootje kreeg een bescheiden 1,1 of 1,3 liter motor. In 1989 kreeg dit model ook nog een facelift

Geschiedenis en achtergrond
De Mazda 121 is misschien wel een van de meest veelzijdige namen uit Mazda’s geschiedenis. Waar de RX-7 symbool stond voor snelheid en sportiviteit, was de 121 de kleine alleskunner die precies deed wat je van hem vroeg – en soms wat je niet verwachtte.
Het begon allemaal in 1975, toen Mazda onder de naam “Grand Familia 1300” een compacte sedan introduceerde die in sommige markten als 121 werd verkocht. Die eerste generatie was degelijk, nuchter en vooral bedoeld om te concurreren met Japanse middenklassers als de Toyota Corolla.
Echt beroemd werd de naam echter pas in de jaren ’80 en ’90, toen de 121 veranderde van saaie sedan in een charmante stadsauto. De tweede generatie (vanaf 1987) was feitelijk een hernoemde Mazda Revue, en die kleine, bolle hatchback zou uitgroeien tot een culticoon. Zijn bijnaam? De “bolhoed-Mazda” – vanwege de ronde daklijn die hem een bijna cartoonachtig uiterlijk gaf.
In 1996 kwam een totaal ander model met dezelfde naam: de 121 DW, gebaseerd op de Ford Fiesta. Mazda en Ford werkten toen nauw samen, en dat leverde een no-nonsense stadsauto op met meer hoekige lijnen en een veel modernere uitstraling. De 121 was inmiddels uitgegroeid tot een vertrouwde verschijning in het Europese straatbeeld, geliefd om zijn betrouwbaarheid en lage onderhoudskosten. In 2002 verdween de naam, en nam de Mazda2 het stokje over. Daarmee eindigde een tijdperk van kleine, eigenwijze Mazda’s met karakter – en bolle vormen.
de bolhoed
De bekendste Mazda 121 is het model dat in 1989 op de markt kwam. Het was een opvallend, eigenzinnig ontwerp, dat onder de naam Autozan Revue en een jaar later in Australië en Europa onder de naam Mazda 121 werd geïntroduceerd. In Australië kreeg het model al snel de bijnaam “Bubblecar”, of “Jelly bean”. In Nederland kreeg het model de bijnaam “de Bolhoed”, in België stond de wagen bekend als het “Bolleke”.

Het model kan gezien worden als de voorloper van een design-type dat later door andere fabrikanten werd overgenomen: een compacte ronde retro-look. De latere Ford Ka, Renault Twingo en de SMART kunnen designtechnisch als opvolger gezien worden. Het design doorbrak de ietwat eenvormige vormgeving van de auto-industrie in de jaren tachtig van de 20ste eeuw. De 121 was in twee soorten verkrijgbaar: de gewone sedan, en de cabrio-top die een imposant elektrisch schuifdak had van kunststof.
Hoewel het 73 PK sterke viercilinder-model opvallend was en er veel over werd geschreven, werd het commercieel gezien geen groot succes. In 1996, na overname van Mazda door de Ford-fabrieken in de Verenigde Staten, werd het model aangepast aan een bredere smaak en werd de 121 vrijwel gelijk aan de Ford Fiesta.
Design en Interieur
Het ontwerp van de Mazda 121 veranderde per generatie zó sterk, dat het bijna lijkt alsof elk decennium een compleet ander team aan het roer stond. De eerste versie uit de jaren zeventig was typisch Japans: rechthoekig, functioneel en een tikkeltje saai – alsof de ontwerper net iets te veel liniaal en te weinig fantasie had gebruikt. Maar toen kwam de tweede generatie met haar ronde vormen, bolle neus en hoog dak – en plots was de 121 allesbehalve saai.
Dat ronde ontwerp, dat Mazda liefkozend “tall boy” noemde, was bedoeld om maximale binnenruimte te creëren binnen een compact formaat. Binnenin had de 121 verrassend veel hoofdruimte (zelfs voor lange Hollanders) en een vrolijke, speelse uitstraling. De stoelen waren comfortabel en het dashboard eenvoudig maar degelijk. In de latere, Fiesta-gebaseerde generatie keerde Mazda terug naar een meer conventioneel ontwerp, met een strakkere lijnvoering en een interieur dat beter aansloot bij de westerse smaak. Nog steeds geen luxe limousine, maar wel een oerdegelijke, betrouwbare reisgenoot met een vleugje eigenwijsheid. De bolhoed-generatie (1987–1991) had in Japan een versie met een stoffen schuifdak over bijna het hele dakoppervlak – een soort cabriolet voor mensen met een hekel aan tocht.
Modelvarianten
Het topmodel
Het “topmodel” van de Mazda 121-lijn was de 1.5 16V (DW) uit eind jaren ’90. Deze versie had de 1.5-liter B5-motor met 88 pk en 128 Nm koppel, goed voor een topsnelheid van 170 km/u en een 0–100 km/u sprint in ongeveer 11,5 seconden. Geen raket, maar in z’n klasse zeker vlot – en nog steeds zuiniger dan menig moderne SUV.
Concurrenten
De Mazda 121 nam het op tegen auto’s als de Toyota Starlet, Nissan Micra, Honda Civic (basisuitvoeringen), Ford Fiesta en Volkswagen Polo. Mazda positioneerde zich vaak net tussen de Japanse degelijkheid en het Europese gevoel in – en dat werkte, want de 121 had iets eigens, iets sympathieks wat anderen misten.
De 121 werd in 2002 opgevolgd door de Mazda 2 (DY-serie). Dat model bouwde voort op het concept van een compacte, gebruiksvriendelijke hatchback, maar met een sportiever randje en een modernere uitstraling. Daarmee verdween de naam 121, maar niet de geest ervan.
MODELINFORMATIE
PRESTATIES TOPMODEL
Garages en specialisten
- Hier kan uw bedrijf staan
- Speed 8 Classics - Mallespecialist
- Stalling Bollenstreek - Voorhoutspecialist
- Stoffeerderij C. van Straaten en Zn. - Woerdenspecialist
- Tony de Bruijn bekledingen - Roosendaalspecialist
- Witmer & Odijk - Warmondspecialist
Clubs, fora en verenigingen
- Hadi Mazda Club
- Koninklijke Nederlandse Automobiel Club
- Oldtimer en Classic Car Club Heel
- Veenendaalse Oldtimer Club
- Vlaamse Vehikel Klub















