MENU

Hillman Imp

De Hillman Imp was een compact model met een achterin geplaatste motor die onder het Hillman-merk werd gebouwd door de Rootes-group tussen 1963 en 1976. Binnen de Rootes-group stond dit project bekend als project “Apex”.

Hillman Imp classic car in South Africa

Hillman Imp South Africa

De Hillman Imp was de eerste compacte auto door de Rootes groep van na de Tweede Wereldoorlog. Concurrentie kwam van de vier jaar oudere BMC Mini waarbij een belangrijk verschil was dat de Imp een volledig aluminium 875 cc blok had. De motor van de Imp werd achter de achterwielen gemonteerd. Dit werd gedaan om het zwaartepunt laag te houden en het effect op de wegligging van de wagen te minimaliseren. Autos’s met de motor achterin hebben vaak last van overstuur en daarom kreeg de Imp een speciale onafhankelijke achterwielophanging om dit zoveel mogelijk tegen te gaan.

Begin jaren zestig voelde de Rootes Group de hete adem van de Mini in de nek. BMC had met dat dwarsgeplaatste dwergje de markt op zijn kop gezet en Rootes wilde een eigen compacte auto die minstens zo modern was, maar dan met een geheel eigen benadering. Het resultaat was de Hillman Imp, geïntroduceerd in 1963. Geen kopie van de Mini, maar een technisch eigenzinnige auto met de motor achterin, onafhankelijke wielophanging rondom en een carrosserie die verrassend volwassen oogde voor zo’n klein formaat. Rootes wilde laten zien dat klein niet per definitie simpel hoefde te zijn.

De Imp werd bovendien het vlaggenschip van een ambitieus industrieel project. De productie werd ondergebracht in een gloednieuwe fabriek in Linwood, Schotland, grotendeels om politieke redenen. Dat bleek achteraf geen gelukkige keuze, want kinderziektes, onervaren personeel en logistieke problemen zorgden voor kwaliteitsproblemen die de reputatie van de Imp al vroeg beschadigden. Zonde, want technisch was de auto zijn tijd vooruit. Naarmate de jaren vorderden werd hij betrouwbaarder en geliefder, maar tegen die tijd had hij al het stempel “lastig” gekregen. Toch bleef de Imp tot 1976 in productie en groeide hij uit tot een cultklassieker die vandaag vooral wordt gewaardeerd om zijn rijplezier en slimme techniek.

Hillman Imp: Scotland's Mini?

Design & interieur

Het ontwerp van de Hillman Imp was strak en functioneel, zonder de speelsheid van de Mini maar met een duidelijk eigen karakter. De korte overhangen, grote glaspartijen en rechte lijnen gaven hem een volwassen uitstraling, bijna alsof hij een klasse groter probeerde te zijn. De achterklep was volledig van glas en kon open, wat hem tot een van de eerste hatchbacks maakte nog voordat dat woord populair was.

Binnenin was de Imp verrassend ruim, zeker voorin. Het dashboard was eenvoudig maar overzichtelijk en de zitpositie was prettig rechtop. Dankzij de motor achterin had je voorin een keurige bagageruimte, en met de achterbank neergeklapt kon er meer mee dan je op basis van zijn formaat zou verwachten. Het interieur was typisch Brits: functioneel, licht eigenwijs en niet overdreven luxe, maar wel sympathiek. En ja, ook hier gold dat elektrische componenten soms een eigen willetje hadden, maar dat hoort bij het genre.

Het gedurfde ontwerp van de Hillman Imp was onderontwikkeld, deels te wijten aan het tijdschema dat er was om de productie te starten. Mechanische en koelsysteem problemen waren gemeengoed in de vroege auto’s. In 1966 kwam er een belangrijke herziening van de Imp wat zorgde voor onderscheid tussen de Mk I en Mk II auto’s. De Mk I Imps hadden een pneumatische gasstang en automatische choke, die beide werden vervangen door meer conventionele items op de Mk II. Dit was de grootste verbetering die op het model zou worden doorgevoerd, los van andere aanpassingen op andere momenten. In 1968 kreeg de Imp een nieuw dashboard en stuurwiel. De grote snelheidsmeter die eerder in het midden zat, werd vervangen door een horizontale rij van vier cirkelvormige wijzerplaten/displays.

Drie varianten van de Hillmann Imp

Gedurende de productiejaren kwamen er drie verschillende carrosserievarianten op de markt. De originele saloon werd mei 1963 geïntroduceerd en werd gebouwd tot het einde van de productie in 1976. In 1965 werd een busje geïntroduceerd onder de naam ‘Commer Imp’, in 1967 gevolgd door een station wagon in de vorm van de Hillman Husky. De productie van het busje en de station wagon werden gestaakt in 1970.

Hillman Imps en afgeleiden zoals de luxere Singer Chamois (oktober 1964) en Sunbeam Stileto (oktober 1966) met een krachtigere twin-motor met carburateur, werden geassembleerd in een speciaal daarvoor gebouwde, door de overheid gesteunde fabriek in Linwood in Schotland. Problemen met betrouwbaarheid en kwaliteitscontrole hadden een impact op de verkoop. De geplande productie van 150.000 auto’s per jaar werd nooit bereikt en tegen de tijd dat de productie in 1976 eindigde, waren er slechts 440.000 Imps gebouwd. In veel exportmarkten werden Imps verkocht als Sunbeams, dit had meer met de marketing te maken.

Singer chamois uit 1963, een afgeleide van de Hillman Imp

Singer Chamois uit 1963

De Hillman Imp California

In 1967 werd een coupé geïntroduceerd als de Imp California. De coupé carrosserie was in grote lijnen vergelijkbaar met de standaard body, maar werd gekenmerkt door sterker hellende voorruit en achterruit, die, in tegenstelling tot die op de standaard auto’s, niet open kon. Tot grote teleurstelling van de ontwerpers vertaalde dit sneller ogende ontwerp zich niet door in een betere acceleratie en topsnelheid. In feite was de aerodynamica van de standaard saloon zelfs iets beter. Vervolgens werd er een luxere versie, de Singer Chamois Coupé, geïntroduceerd. De laatste coupé versie, de meer sportieve Sunbeam Stiletto, werd getoond op de Paris Motor Show in oktober 1967.

sunbeam stiletto

Sunbeam Stiletto

De Imp was een gedurfde sprong voor Rootes. Het bedrijf had geen recente ervaring met het bouwen van kleine auto’s, ook al begon het ooit als een autobouwer door het aanbieden van de kleine Hillman Minx 1931. Maar de Minx werd met elke upgrade wat groter en tegen de tijd dat de Imp werd geïntroduceerd was de Minx een middelgrote gezinsauto. Voor de Imp, was Rootes aan het pionieren in het gebruik van een aluminium motor in een massaproductie auto. Maar dit proces bleek ingewikkelder dan simpelweg het vervangen van een bekend en vertrouwd gietijzeren blok door een aluminiumversie. Rootes moest een nieuwe geautomatiseerde assemblage fabriek te bouwen aan de rand van Glasgow.

De aanvankelijke problemen gaven de Hillman Imp reputatie wel een deuk en de populariteit daalde. Toch bleef het model wel verkopen wat kwam door de scherpe prijs, de onderscheidende styling en de lage onderhoudskosten, maar de verkoop nooit voldeed aan de verwachtingen die Rootes van het model had. Een ander probleem, dat heeft bijgedragen aan de reputatie van slechte betrouwbaarheid, was het gebrek aan inzicht en kennis over de onderhoudsbehoefte van lichtmetalen motoren door zowel de eigenaren als de autoindustrie in de jaren zestig. Bovendien werd het model in populariteit overschaduwd door de Mini. Hoewel de Mini aanvankelijk slecht verkocht, werd het midden jaren zestig het model om te hebben. De Imp heeft nooit de status van fashionable auto genoten.

Concurrenten

De Imp nam het op tegen zwaargewichten in het kleine segment, met als grootste rivaal natuurlijk de Mini. Daarnaast waren er concurrenten als de Fiat 850, Renault 8 en NSU Prinz. Waar de Mini vooral charme en eenvoud bood, probeerde de Imp het met techniek en verfijning, wat hem tot een interessant alternatief maakte voor wie nét iets anders wilde.

Einde van de Hillman Imp

De enorme investering in zowel de Imp als de Linwood fabriek bleek een van de redenen voor de teloorgang van de Rootes Group, versterkt door arbeidsonrust en de effecten van de aanstaande samenwerking met Chrysler Corporation uit Verenigde Staten. Geïnitieerd door Lord William Rootes in 1964 als een samenwerkingsverband, hingen de borden van Chrysler al snel aan de muur. Lord Rootes overleed in oktober en kort daarna werd de deal voor Rootes een stuk zuurder.

In 1967 werd het bedrijf overgenomen door Chrysler en werd het onderdeel van Chrysler Europa waarvoor het lang werd overschaduwd door het Franse Simca. Een jaar later werden de adviesprijzen van de meeste Imp-modellen verlaagd voor de binnenlandse markt met meer dan 4%. Chrysler-mensen werden beschuldigd van de ondergang van de Imp in maart 1976, nadat er minder dan 500.000 van waren gebouwd, voordat twee jaar later het hele imperium instortte, toen het onderdeel werd van Peugeot. De Linwood fabriek werd gesloten in 1981.


MODELINFORMATIE

Merk: Hillman
Model: Imp
Land: Groot-Brittanië
(Geschat) productieaantal: 440.000
Start productie: 1963
Einde productie: 1976
Transmissie: handgeschakeld 4 versnellingen
Motorspecificatie: 4-cilinder 875cc
Brandstof: benzine
Body Type: 2-deurs hatchback

PRESTATIES TOPMODEL

Topmodel: Hillman Imp Sport
Vermogen: 51 PK
Koppel: 72 Nm
Topsnelheid: 145 km/u
Acceleratie 0-100 km/u: 12.5 sec

Hillman modellen


Garages en specialisten


Clubs, fora en verenigingen


Ook interessant