Ferrari Dino

Dino was een eigenlijk een submerk van Ferrari waaronder achterwiel aangedreven sportmodellen werden gebouwd met V8- en V6-middenmotoren Het was een poging van het bedrijf om tegen relatief lage kosten sportwagens op de markt te brengen tussen 1968 en 1976 en op die manier te kunnen concurreren met de Porsche 911. De Ferrari naam werd alleen gebruikt voor de premium V-12 en flat 12 modellen tot 1976, toen de merknaam ‘Dino’ werd teruggetrokken om het Ferrari merk breder in de markt te zetten.

 

Ferrari Dino

Ferrari Dino.

 

Het merk is vernoemd naar de zoon van Ferrari oprichter Enzo Ferrari die op 24-jarige leeftijd overleed aan een spierziekte. De naamgeving van de Dino modellen duidde de cilinderinhoud aan in combinatie met de hoeveelheid cilinders. De 246 was dus een 2,4-liter 6-cilinder en de 308 een 3,0-liter 8-cylinder. De Dino 246 was het eerste Ferrari-model dat werd geproduceerd in hoge aantallen. Het model wordt door velen geprezen om zijn intrinsieke rijkwaliteiten en baanbrekend design en staat inmiddels op verschillende lijstjes waaronder de top 10 van de ‘Grootste Ferrari’s aller tijden’. De Dino is zonder twijfel een van de meest iconische auto’s ooit geproduceerd door Ferrari en tegenwoordig is het model een zeer gewilde auto voor serieuze verzamelaars.

 

Op de autoshow van Parijs in 1965 introduceerde Ferrari haar eerste straatauto met middenmotor. En dat was spectaculair nieuws op zich: Ferrari was al succesvol in de racerij met middenmotor auto’s, maar Enzo Ferrari had het tot dusver te gevaarlijk gevonden om straatversies van deze sportwagens op de markt te brengen. Sergio Pininfarina en een aantal dealers wisten Enzo uiteindelijk om te praten onder de voorwaarde dat het de auto zou worden uitgerust met de V6 Dino motor, genoemd naar zijn zoon Dino die stierf in 1956.

 

De eerste Dino 206 S prototype werd getoond in Parijs en gebouwd op een chassis van een 206 SP racewagen. Het model had een 2,0-liter V6-motor die in de lengte was gemonteerd. De reacties op dit studiemodel waren overweldigend en er werd besloten om een kwalitatieve straatversie te ontwikkelen. Het uiteindelijke productie prototype werd geïntroduceerd op de Turijnse autoshow in 1967. Twee jaar later werd de 206 GT opgevolgd door de 246 GT. Het model leek identiek aan zijn voorganger maar had een langere wielbasis om de binnenruimte te vergroten. Het belangrijkste was echter de V6-motor, die nu 2,4 liter was en 195 PK leverde in plaats van 180 PK in de 206 GT.

 




Garages en specialisten

Clubs, fora en verenigingen


Ook interessant