Audi 100 C1 (1968–1976)
De eerste generatie van het Audi 100 model kwam uit in 1968, maar de volledige productie van dit voertuig begon een jaar later. De auto was gebaseerd op het Volkswagen C1 platform en werd uitgerust met een 1.8 liter motor die ongeveer 80 PK leverde. Het was een succesvol model van de hand van ontwerper Ludwig Kraus die ook designs maakte voor Mercedes-Benz. In totaal werden er 827.474 exemplaren van de Audi 100 (C1) gebouwd.
Eerste versie Audi 100
Geschiedenis en achtergrond
De naam duidde oorspronkelijk op een vermogen van 100 pk — de Audi 100 was het grootste model van het bedrijf sinds de heropleving van het Audi-merk door Volkswagen in 1965.
Er was een vreemde geschiedenis achter de auto, met een complex complot georganiseerd door het Audi-management om de Volkswagen Raad ervan te overtuigen hen toe te staan een uitvoerende sedan te bouwen. Ludwig Kraus, hoofd van de Audi-engineering, ontwierp de 100 in het geheim — buiten het medeweten van het Volkswagen-bestuur dat geen behoefte had aan concurrentie voor de eigen Volkswagen-modellen. Toen de auto klaar was en aan Ferdinand Piëch werd gepresenteerd was er geen weg meer terug — Volkswagen accepteerde het feit.
In de VS werd hij geadverteerd als “just about the same headroom and legroom as the Rolls-Royce Silver Shadow”. Een gedurfd marketingstatement — maar technisch niet onwaar voor een auto in dit prijssegment.
In maart 1971 werd al de 500.000ste Audi geproduceerd en de het model was het meest succesvolle model in de geschiedenis van Audi geworden. Voor het modeljaar 1975 werd de basis 100 omgedoopt tot de 100L en kreeg de 1,6 liter vier-cilinder motor uit de Audi 80. Daarnaast werd er al gewerkt aan een vier-wiel aangedreven prototype van de Audi 100 C1, lang vóór het verschijnen van de Audi Quattro.
Interieur van de Audi 100
Design en interieur
Het C1-platform bracht verscheidene varianten voort: de Audi 100 twee- en vierdeurs sedans, en de Audi 100 Coupé S, een stijlvolle fastback coupé die een opmerkelijke gelijkenis vertoonde met de Aston Martin DBS die een jaar eerder was uitgebracht, met name aan de achterkant, inclusief details zoals de lamellen achter de achterste zijruiten en de vorm van de achterlichteenheden.
Audi volgde de introductie van de vierdeurs sedan in november 1968 op met een tweedeurs sedan in oktober 1969 en de 100 Coupé S in het najaar van 1970.
In tegenstelling tot de meeste andere autofabrikanten uit die era had hij een voorwielaandrijving-architectuur. Dit betekende dat er geen transmissietunnel in het voertuig was. Voor een middenklasse Europese sedan was dat in 1968 nog steeds uitzonderlijk — BMW en Mercedes bouwden achterwielaangedreven auto’s, Audi koos bewust voor voorwielaandrijving.

Modelvarianten
Audi 100 vierdeurs sedan (1968–1976) — het basismodel:
De vier ronde koplampen, de licht gebogen lijnen van de carrosserie en de ruime cabine rolden van de fabriekslijn in 1968. Het was een groot succes en werd verkocht in bijna 900.000 exemplaren tot 1976 toen hij werd vervangen.
Audi 100 tweedeurs sedan (1969–1976):
Audi volgde de introductie van de vierdeurs sedan in november 1968 op met een tweedeurs sedan in oktober 1969. Minder populair dan de vierdeurs maar een aantrekkelijkere verschijning.
Audi 100 GL (1972–1976) — luxeversie:
Tegelijkertijd werd de 100 GL geïntroduceerd die de 1,9-liter motor had die voorheen alleen in de Coupé S werd gebruikt. Het luxetopmodel van de sedanreeks.
Audi 100 L (1975–1976) — instapmodel:
Voor het modeljaar 1975 werd de basis 100 hernoemd naar de 100 L en ontving hij een 1,6-liter viercilinder motor afkomstig uit de Audi 80.
Audi 100 Coupé S (1970–1976) — het icoon:
De Audi 100 Coupé S is een grand touring auto gemaakt door Audi van 1969 tot 1976, met 30.687 geproduceerde exemplaren. De stijlvolle fastback coupé vertoonde een opmerkelijke gelijkenis met de Aston Martin DBS die een jaar eerder was uitgebracht, met name aan de achterkant, inclusief details zoals de lamellen achter de achterste zijruiten. De meest begeerde C1-variant bij verzamelaars vandaag.
Audi 200
De modellen in de 200-serie waren luxe-uitvoeringen van de Audi 100, met zaken als airco (met climate control), elektrisch bedienbare ramen en meestal een turbo. Dankzij die turbo waren de 200-C2 en de 200-C3 de snelste massa-geproduceerde zakensedans van hun tijd.
Een vierwielaangedreven prototype van de Audi 100 C1 werd gebouwd in 1976, lang voor het verschijnen van de Quattro. Het prototype bestond maar was te duur om in productie te nemen. Vier jaar later zou Ferdinand Piëch precies datzelfde idee doordrukken — en de automobielwereld voor altijd veranderen.

Concurrenten
De Audi 100 concurreerde in het Europese middensegment en hogere middenklasse. Directe concurrenten waren:
- Ford Taunus 20M / 26M
- Opel Rekord C / D
- BMW 2000 / 2002
- Mercedes-Benz 200 / 220 (duurder segment)
- Citroën DS (vergelijkbaar voorwielaandrijving-concept)
Opvolgend model
In 1976 introduceerde Audi de tweede generatie 100 — de C2. De C2 was groter, moderner en het eerste Audi-model dat in Noord-Amerika als Audi 5000 werd verkocht. De Coupé S had geen directe opvolger in de C2-familie — pas de Audi Coupé GT van 1980 nam die rol over.
Modelinformatie | |
| Merk | Audi |
|---|---|
| Model | 100 C1 (1968–1976) |
| Land | Duitsland |
| Start productie | 1969 |
| Einde productie | 1976 |
| (Geschat) productieaantal | 800.000 |
| Transmissie | handgeschakeld 4 versnellingen, 3-traps automaat |
| Motorspecificatie | 4-cilinder 1.6L, 1.8L, 1.9L |
| Brandstof | benzine |
| Body Type | Vierdeurs sedan (meest gebouwde variant), Tweedeurs sedan (vanaf 1969), Tweedeurs fastback coupé / Coupé S (1970–1976 — 30.687 exemplaren) |
Prestaties topmodel | |
| Topmodel | Audi 100 Coupé S 1.9L |
| (Geschat) gewicht | 1030 kg |
| Vermogen | 115 pk |
| Koppel | 158 Nm |
| Topsnelheid | 190 km/u |
| Acceleratie 0-100 | 11 sec |
Mis je informatie of kom je een foutje tegen, of heb je misschien een mooi verhaal over dit model?
Mail ons, dat wordt enorm gewaardeerd!















