Alfa Romeo Alfa 6
De Alfa Romeo Alfa 6 was een grote, luxe sedan van Alfa Romeo die werd gebouwd tussen 1979 en 1986. Het belangrijkste aan de Alfa 6 was de nieuwe motor: de eerste 6-cilinder sinds jaren van dit merk, wat meteen ook de naam van de Alfa 6 verklaart.
De Alfa Romeo Alfa 6 is zo’n auto die vaak een beetje vergeten wordt, maar eigenlijk een fascinerend hoofdstuk in de geschiedenis van het merk vormt. Het was Alfa’s poging om een echte luxe sedan te bouwen, eentje die het op moest nemen tegen de gevestigde orde van Mercedes-Benz en BMW. Hij kwam in 1979 op de markt en had een zware taak: hij moest niet alleen modern zijn, maar ook de traditie van Alfa’s sportieve karakter hooghouden. Dat was geen eenvoudige balans, zeker niet in een tijd dat de Italiaanse economie wankelde en de oliecrisis de vraag naar grote motoren onder druk zette. Toch stond daar ineens de Alfa 6: groot, imposant en met een dikke V6 onder de kap.

Geschiedenis en achtergrond
Het idee voor de Alfa 6 ontstond al in de jaren zestig, maar de productie liep vertraging op door de oliecrisis en interne strubbelingen bij Alfa Romeo. Toen de auto uiteindelijk in 1979 verscheen, was het ontwerp eigenlijk al wat gedateerd, maar hij moest het merk terug in de hogere middenklasse brengen. De auto werd gebouwd in Arese en was vooral bedoeld om zakenrijders en welgestelde gezinnen over te halen de Duitse concurrentie links te laten liggen.
De Alfa 6 was uitgerust met Alfa’s eerste versie van de beroemde Busso V6, die later een icoon zou worden en in tal van modellen carrière maakte. Ondanks die technische parel bleef de Alfa 6 een nichemodel. Hij was relatief duur, had een conservatief uiterlijk en kampte met de beruchte Italiaanse roestproblemen. Toch was het een belangrijke auto, omdat hij de basis legde voor latere luxere Alfa’s en omdat hij aantoonde dat Alfa Romeo niet bang was om hoger in de markt te mikken.
Design en interieur
Qua design oogde de Alfa 6 netjes en zakelijk, maar je zou hem bijna een beetje braaf kunnen noemen. De lijnen waren strak, hoekig en zonder al te veel fratsen, duidelijk meer gericht op de Duitse smaak dan op flamboyante Italiaanse flair. Hij had grote koplampen, een brede grille en een silhouet dat eerder degelijk dan spannend was. Een wolf in schaapskleren, maar dan met een hele nette jas.
Het interieur was typisch Italiaans: luxe materialen zoals houtfineer en zachte bekleding, gecombineerd met een wat eigenzinnige ergonomie. De stoelen waren royaal en comfortabel, de afwerking elegant maar soms net niet helemaal op Duits niveau. Wat je wel kreeg: een vleugje Italiaanse charme en de wetenschap dat je in een exclusieve auto reed die je buurman waarschijnlijk niet had.

Nieuwe V6 motor
Het model was duidelijk gebaseerd op Alfetta met veel uiterlijke overeenkomsten, echter had de Alfa 6 een langere wielbasis en kreeg een langere neus en kofferbak. De motoren van de Alfetta waren te zwak voor een flagship model en dus ontwikkelde Alfa Romeo een nieuwe V6 met 6 carburateurs. De cilinderinhoud kwam op 2492 cc te liggen en leverde een maximaal vermogen van 158 PK. De gewichtsverdeling was voor de auto minder belangrijk dan voor de sportieve Alfetta en de versnellingsbak en de koppeling kwamen gewoon weer voorin te liggen.
Facelift van de Alfa 6
In 1983 kreeg het model zijn facelift. De ronde koplampen werden vervangen door rechthoekige, de grille en bumpers werden wat aangepast en er werd meer gewerkt met kunststof. De V6 motor werd ook vernieuwd en werd voorzien van een injectiesysteem. Tegelijk werd ook een kleinere variant van deze V6 beschikbaar met een cilinderinhoud van 1997 cc. Ook werd door diesel specialist VM een 2494 cc 5 cilinder turbodieselmotor ontwikkeld met een vermogen van 105 PK.

Concurrenten
De Alfa 6 moest de strijd aangaan met zwaargewichten:
- Mercedes-Benz W123 en W124
- BMW 5-serie (E12 en E28)
- Jaguar XJ6
Het waren lastige tegenstanders die vooral bekendstonden om hun degelijkheid, terwijl de Alfa zich meer op emotie en motorplezier richtte.
De Alfa 6 had in zijn eerste serie maar liefst zes carburateurs, eentje voor elke cilinder. Dat klinkt fantastisch, maar in de praktijk was het een drama om ze allemaal goed afgesteld te houden. De gemiddelde monteur kreeg er grijze haren van. Later koos Alfa wijselijk voor injectie.
Het model werd soms gezien als te saai om echt een “echte Alfa” te zijn, maar onderhuids was het juist een rijdersauto met een briljante motor. Het is een beetje de klassieke Italiaanse versie van Clark Kent: uiterlijk een kantoorklerk, maar stiekem een superheld.
Een directe opvolger kwam er niet meteen. Pas in 1985 verscheen de Alfa Romeo 90, die opnieuw probeerde het luxe-segment te veroveren, al met gemengd succes. Uiteindelijk nam de Alfa Romeo 164 in 1987 die rol serieuzer over en werd veel succesvoller.
MODELINFORMATIE
PRESTATIES TOPMODEL
Alfa Romeo modellen
Garages en specialisten
- Hier kan uw bedrijf staan
- Speed 8 Classics - Mallespecialist
- Stalling Bollenstreek - Voorhoutspecialist
- Stoffeerderij C. van Straaten en Zn. - Woerdenspecialist
- Tony de Bruijn bekledingen - Roosendaalspecialist
- Witmer & Odijk - Warmondspecialist
Clubs, fora en verenigingen
- Alfa 33 Club
- Alfa Club
- Alfa Club Quadrifoglio Belgie
- Alfa Romeo Club Quadrifoglio Belgio
- Alfa Spider Register
- Bertone Register
- Club Alfa Romeo
- Koninklijke Nederlandse Automobiel Club
- Oldtimer en Classic Car Club Heel
- Stichting Club Alfa Romeo Bezitters
- Veenendaalse Oldtimer Club
- Vlaamse Vehikel Klub















